Techniek & kwaliteit

Zo worden jouw laboratoriumtesten geanalyseerd

Bij Mijnlabtest geven we je op een gemakkelijke en betrouwbare manier inzicht in je gezondheid. Op deze pagina leggen we de meestgebruikte analysetechnieken één voor één uit – begrijpelijk voor iedereen, met verdieping voor wie meer technische details zoekt.

Kawthar LallamKawthar Lallam · BiotechnoloogAuteur & inhoudelijke controle bij Mijnlabtest
Betrouwbaarheid

Hoe bewaken laboratoria de betrouwbaarheid?

Een geavanceerde analysetechniek alleen is niet genoeg voor een betrouwbare uitslag. De betrouwbaarheid van een test wordt bepaald door de volledige analyseprocedure, van monsterverwerking tot resultaatbeoordeling.

Onze laboratoriumpartners werken met gevalideerde analysemethoden en voldoen aan strikte kwaliteitseisen op het gebied van accreditatie en externe kwaliteitsbeoordeling. Zo wordt de analyse niet alleen technisch uitgevoerd, maar ook voortdurend gecontroleerd op nauwkeurigheid en reproduceerbaarheid. Welke accreditaties en controles van toepassing zijn, verschilt per laboratoriumpartner en per test.

Analysemethode Voorbeelden van toepassingen Mogelijk monstermateriaal Belangrijkste eigenschap
ELISA Antilichamen, hormonen, eiwitten Bloed, speeksel Specifieke antigeen-antilichaambinding
ECLIA Schildklier- en hormoonwaarden Bloed Geautomatiseerde immunochemische detectie
HPLC Vitaminen, kleine moleculen Bloed, urine Scheiding en kwantificering
LC-MS Hormonen, metabolieten, toxische stoffen Bloed, urine Hoge analytische specificiteit
PCR DNA van specifieke micro-organismen Urine, swab, ontlasting Gerichte DNA-detectie
Microscopie Parasieten, gisten, schimmels Ontlasting, kweekmateriaal Visuele beoordeling door analist
Sequencing Uitgebreide microbiële samenstelling Ontlasting Analyse van grote hoeveelheden genetisch materiaal

De exacte analysemethode kan per test en laboratoriumpartner verschillen.

De technieken

Acht analysetechnieken, helder uitgelegd

Van immunoassays tot DNA-sequencing: dit zijn de technieken waarmee onze laboratoriumpartners jouw monsters analyseren. Lees de korte uitleg, of klap de technische verdieping uit voor de details.

Immunoassays
01 ELISA

Enzyme-Linked Immunosorbent Assay

In het kort

ELISA werkt als een moleculaire zoekactie. Het lab gebruikt speciale eiwitten (antilichamen) die precies passen op de stof die gemeten moet worden, als een sleutel op een slot. Is die stof aanwezig in jouw monster, dan ontstaat er een kleurreactie: hoe sterker de kleur, hoe meer van die stof aanwezig is. Zo meet het lab hormonen, allergenen of infectiemarkers nauwkeurig.

Onder andere toegepast bij deze test(en) van Mijnlabtest:
Cortisol testVoedselintolerantie test pro
Vier veelgebruikte ELISA-principes
Schematische weergave van de vier meestgebruikte ELISA-formaten: direct, indirect, sandwich en competitief.Bron: SouthernBiotech, Introduction to ELISA
Lees de technische verdiepingVerberg de technische verdieping

Een ELISA is gebaseerd op een specifieke binding tussen een antigeen en een antilichaam. Beide moleculen passen op elkaar als een sleutel in een slot. Door deze binding ontstaat een kleurreactie die gemeten kan worden: hoe sterker de kleur, hoe meer van het doelmolecuul aanwezig is. Dankzij de gevoeligheid van de methode zijn zelfs kleine hoeveelheden aantoonbaar.

Er bestaat een kwalitatieve vorm (is het doelmolecuul aanwezig?) en een kwantitatieve vorm (in welke concentratie?). Een ELISA bestaat uit vier essentiële stappen: coating, blokkeren, detectie en meting. Tijdens de coating wordt het specifieke antigeen of antilichaam op een microtiterplaat gebonden. Daarna elimineert een blokkerend eiwit alle niet-specifieke bindingsplaatsen. Vervolgens wordt het monster toegevoegd; is het doelmolecuul aanwezig, dan bindt het en ontstaat een complex. Een enzymgelabeld antilichaam (vaak HRP of alkalische fosfatase) zet daarna een substraat om in een gekleurd product.

Vier ELISA-technieken

Direct: het antigeen wordt vastgezet en de binding met het doelmolecuul wordt direct gedetecteerd met een enzymgelabeld antilichaam. Geschikt als er één relatief eenvoudig te detecteren doelmolecuul is.

Indirect: eerst bindt een primair (niet-gelabeld) antilichaam aan het antigeen, daarna een enzymgelabeld secundair antilichaam. Handig als diverse primaire antilichamen getest moeten worden.

Sandwich: een ‘capture’-antilichaam vangt het doelmolecuul; een tweede gelabeld antilichaam bindt aan een andere epitoop en zorgt voor de kleurreactie. Veel gebruikt voor hormoonmetingen zoals TSH of insuline.

Competitief: het antigeen in het monster concurreert met een gelabeld antigeen om een beperkt aantal bindingsplaatsen. Hier geldt: hoe hoger het gehalte, hoe lager het kleursignaal. Ingezet voor steroïdhormonen zoals cortisol of testosteron.

Bronnen
  • Alhajj, M., Zubair, M., & Farhana, A. (2023). Enzyme linked immunosorbent assay. StatPearls. ncbi.nlm.nih.gov
  • Bio-Rad. Types of ELISA: direct, indirect, sandwich and competition formats.
02 ECLIA

ElectroChemiLuminescence ImmunoAssay

In het kort

ECLIA werkt met licht als signaal. Wanneer de te meten stof – bijvoorbeeld een hormoon – in jouw bloed aanwezig is, bindt het antilichaam in de test zich daaraan vast. Dat veroorzaakt een lichtflits: hoe meer licht, hoe hoger de concentratie. Zo kunnen zeer lage concentraties gedetecteerd worden.

Onder andere toegepast bij deze test(en) van Mijnlabtest:
Testosteron testSchildklier bloedonderzoek
Competitieve immunoassay (ECLIA)
Stappen van een competitieve immunoassay (ECLIA).Bron: ResearchGate, Analytical Evaluation of the Automated ECLIA
Lees de technische verdiepingVerberg de technische verdieping

ECLIA meet de hoeveelheid van een stof in bloed of ander lichaamsmateriaal, zoals hormonen of infectiemarkers. Er vindt een immunologische reactie plaats waarbij een specifieke binding ontstaat tussen het te meten molecuul en de antilichamen in de test. Om een lichtsignaal te laten ontstaan worden chemisch gelabelde antilichamen gebruikt – vaak op basis van ruthenium – die een lichtflits afgeven wanneer een elektrische spanning wordt aangelegd. Dit proces heet electrochemiluminescentie.

ECLIA gebruikt een sandwich- of competitief formaat. Bij een sandwich-assay binden twee antilichamen op verschillende plekken aan hetzelfde molecuul; dit is vooral geschikt voor grotere biomoleculen zoals eiwitten of hormonen. Een competitief assay past beter bij kleinere moleculen. Het gemeten lichtsignaal wordt omgezet naar een concentratiewaarde: recht evenredig (sandwich) of juist omgekeerd (competitief).

De rutheniumlabels worden via redoxreacties in aangeslagen toestand gebracht, waardoor licht wordt uitgezonden. Toegevoegd tripropylamine (TPA) fungeert als co-reactant voor een efficiënte excitatie. Door de combinatie van ruthenium en TPA is het signaal zeer gevoelig én stabiel, met een brede lineaire meetrange tot picomolaire niveaus. Dit maakt ECLIA zeer geschikt voor grootschalige, geautomatiseerde platforms die duizenden analyses per dag uitvoeren.

Bronnen
  • Blackburn, G. F. et al. (1991). Electrochemiluminescence detection for immunoassays. Clinical Chemistry, 37(9). doi.org
  • Kazerouni, F. et al. (2012). Analytical evaluation of ECLIA for TSH, FT4 and FT3. Caspian J Intern Med, 3(3).
Scheiding & massaspectrometrie
03 HPLC

High-Performance Liquid Chromatography

In het kort

Stel je een heel nauwkeurige zeef voor: een vloeistof met verschillende stoffen wordt onder hoge druk door een kolom geperst. Stoffen die ‘plakkeriger’ zijn blijven langer hangen, andere gaan er sneller doorheen. Zo worden alle stoffen keurig na elkaar gesorteerd en kan het lab precies bepalen wat er in jouw monster zit en hoeveel.

Onder andere toegepast bij deze test(en) van Mijnlabtest:
Bloedtest Totaal profiel
HPLC-workflow
Schematische opstelling van een HPLC: sample → pomp → injector → kolom → detector → datasysteem.Bron: Shimadzu, Overview of LC
Lees de technische verdiepingVerberg de technische verdieping

HPLC is een veelgebruikte chromatografische techniek binnen farmaceutische, biomedische en voedingsanalyses om stoffen in een mengsel te scheiden, identificeren en kwantificeren. De techniek is afgeleid van klassieke kolomchromatografie en staat bekend om zeer efficiënte scheiding en hoge detectiegevoeligheid.

Een vloeistofmonster wordt onder hoge druk (tot ongeveer 400 atmosfeer) door een kolom geperst met microscopische deeltjes. Hoe sterk een stof bindt, hangt af van eigenschappen als polariteit, grootte en affiniteit voor de stationaire fase. Een typische opstelling omvat een stationaire fase (gepakte kolom) en een vloeibare mobiele fase die het monster transporteert. Componenten bewegen verschillend snel en verlaten de kolom op verschillende tijdstippen – de retentietijd.

Vaak wordt een reversed-phase (RP)-kolom gebruikt: een niet-polaire stationaire fase met een relatief polaire mobiele fase, waardoor polaire verbindingen als eerste elueren. Na scheiding zet een detector de concentraties om in een elektrisch signaal en genereert een chromatogram. Het piekoppervlak wordt vergeleken met een kalibratiecurve, zodat nauwkeurig berekend kan worden hoeveel van een stof aanwezig is. Voordelen zijn onder meer een korte analysetijd, hoge resolutie en gevoeligheid.

Bronnen
  • Bhardwaj, S. K. et al. (2015). HPLC method development and validation. Int. J. Anal. Bioanal. Chem.
  • Reuhs, B. (2017). High-performance liquid chromatography. In Food analysis, Springer.
04 LC/MS

Liquid Chromatography-Mass Spectrometry

In het kort

LC/MS combineert twee technieken. Eerst worden alle stoffen in jouw monster van elkaar gescheiden, zoals treinen op aparte sporen. Daarna wordt van elke stof een soort ‘vingerafdruk’ gemaakt op basis van het gewicht van het molecuul. Die vingerafdruk is uniek, waardoor het lab precies kan bepalen wat er in jouw monster zit en in welke hoeveelheid.

Onder andere toegepast bij deze test(en) van Mijnlabtest: o.a. hormoonanalyses en de detectie van metabolieten en toxische stoffen.
LC/MS-workflow
Schematische opstelling van een LC/MS: autosampler → LC-kolom → ionbron → quadrupool → detector.Bron: Pharmacores, Liquid Chromatography-Mass Spectrometry
Lees de technische verdiepingVerberg de technische verdieping

LC/MS combineert Liquid Chromatography (LC), voor het scheiden van stoffen, met Mass Spectrometry (MS), waarmee de gescheiden stoffen worden geïdentificeerd en gekwantificeerd op basis van hun massa. Eerst worden de stoffen gesorteerd op hun eigenschappen, daarna wordt bepaald om welke stof het precies gaat.

Tijdens de LC wordt het monster door een kolom geleid; de retentietijd hangt af van chemische eigenschappen zoals polariteit. De geëlueerde componenten worden in de massaspectrometer geïoniseerd (bijvoorbeeld via elektrospray-ionisatie) en gesorteerd op hun massa-lading-verhouding (m/z), waardoor een uniek massaspectrum ontstaat – vergelijkbaar met een vingerafdruk.

Moderne systemen gebruiken vaak tandem-massaspectrometrie (MS/MS): een eerste analysator selecteert het precursor-ion, dat in een collision cell fragmenteert tot dochterionen, waarna een tweede analysator hun m/z meet. Ieder molecuul levert een uniek fragmentatiepatroon op, zelfs bij chemisch sterk gelijkende stoffen. Door de hoge specificiteit, gevoeligheid en verwerkingscapaciteit wordt LC/MS veel ingezet in klinische en diagnostische laboratoria.

Bronnen
  • Fung, A. W. S. et al. (2020). Emerging role of clinical mass spectrometry in pathology. J. Clin. Pathol.
  • Lee, H., & Kim, S. I. (2022). LC-MS-based proteomic analyses of body fluids. Int. J. Mol. Sci., 23(4).
Microscopie
05 Microscopie

Microscopisch onderzoek

In het kort

Sommige monsters worden letterlijk onder de microscoop bekeken door een ervaren analist. Zo worden bijvoorbeeld parasieten, gisten en schimmels opgespoord en herkend aan hun vorm en structuur.

Onder andere toegepast bij deze test(en) van Mijnlabtest:
Darmparasieten testDarmtest gisten en schimmels
Lees de technische verdiepingVerberg de technische verdieping

Microscopie wordt onder andere toegepast bij parasitologisch onderzoek en, na kweek, bij het aantonen van gisten en schimmels. Voor de analyse worden monsters voorbereid met concentratiemethoden (zoals sedimentatie of flotatie) en specifieke kleuringen (bijvoorbeeld jodium of Giemsa). Zo worden structuren en organismen goed zichtbaar. Determinatie gebeurt op basis van morfologische kenmerken zoals vorm, grootte, wandstructuur en interne structuren.

Microscopie is een relatief eenvoudige en directe methode die waardevolle informatie oplevert, maar vereist expertise van een analist omdat de interpretatie subjectief kan zijn. Daarom wordt microscopie tegenwoordig vaak gecombineerd met aanvullende technieken zoals PCR, voor een nauwkeuriger resultaat.

Bronnen
  • Bradbury, R. S. et al. (2022). Diagnostic morphological parasitology. J. Clin. Microbiol., 60(11).
  • El-Tonsy, M. M., & Nazeer, J. T. (2024). Advances in parasitology diagnostics. Int. J. Med. Parasitol. Epidemiol. Sci.
DNA- & sequencingtechnieken
06 NGS

Next Generation Sequencing

In het kort

NGS is een technologie waarmee miljoenen DNA-fragmenten tegelijk worden uitgelezen. Hierdoor kan in korte tijd en tegen relatief lage kosten een grote hoeveelheid genetische informatie worden geanalyseerd – van een enkel gen tot een volledig genoom.

NGS-werkproces
Schematische weergave van het NGS-werkproces: DNA-extractie → bibliotheek met adapters → sequencing → data-analyse.Bron: MicrobeNotes, Next Generation Sequencing
Lees de technische verdiepingVerberg de technische verdieping

NGS is een verzamelnaam voor technologieën waarmee DNA en RNA op grote schaal worden uitgelezen. In tegenstelling tot oudere methoden zoals Sanger-sequencing, die fragmenten één voor één verwerken, leest NGS miljoenen fragmenten tegelijk. Zowel kleine, gerichte regio’s als volledige genomen kunnen zo snel en met hoge precisie worden geanalyseerd.

Er zijn twee hoofdbenaderingen. Short-read sequencing (bijvoorbeeld Illumina) leest korte fragmenten met hoge doorvoersnelheid en een laag foutenpercentage – ideaal voor variantdetectie en grootschalige toepassingen. Long-read sequencing (bijvoorbeeld Nanopore) leest langere fragmenten in één keer, wat het samenstellen van een genoom vergemakkelijkt en waardevol is voor epigenetisch onderzoek en repetitieve regio’s.

Het werkproces: eerst worden nucleïnezuren geïsoleerd en op kwaliteit gecontroleerd. Bij gerichte analyses wordt met PCR geamplificeerd en van een barcode voorzien; bij genoomsequencing wordt de barcode direct toegevoegd. Gelabelde samples worden samengevoegd (pooling) en gezuiverd met DNA-bindende beads. Tot slot worden adapters gekoppeld, die als startpunt voor het sequencen dienen. Het uitlezen zelf gebeurt in de flowcell – bij Illumina worden fragmenten geïmmobiliseerd en geamplificeerd, bij Nanopore worden moleculen door nanoporiën geleid waarbij elektroden het signaal detecteren.

Bronnen
  • MicrobeNotes. Next Generation Sequencing (NGS): overzicht van het werkproces.
07 PCR

Polymerase Chain Reaction

In het kort

Om DNA te kunnen analyseren, maakt het lab er eerst miljoenen kopieën van met een biologisch ‘kopieerapparaat’. Dat gaat via een serie verhittings- en afkoelstappen waarbij het DNA steeds verdubbelt. Na zo’n 30 ronden is er genoeg materiaal om te analyseren, bijvoorbeeld om een infectie aan te tonen.

Onder andere toegepast bij deze test(en) van Mijnlabtest:
Enkele soa-testen
PCR-cyclus
Schematische weergave van de stappen in een PCR-reactie: denaturatie, annealing en elongatie.Bron: National Library of Medicine, PCR Primer-BLAST
Lees de technische verdiepingVerberg de technische verdieping

PCR amplificeert (kleine fragmenten van) DNA of cDNA. Door miljoenen kopieën te maken, kunnen zelfs zeer kleine hoeveelheden genetisch materiaal worden geanalyseerd. Een PCR bestaat uit 20 tot 40 cycli met drie herhalende fasen: denaturatie, annealing en elongatie.

Tijdens denaturatie wordt het DNA verhit, waardoor de waterstofbruggen breken en twee enkelstrengige moleculen ontstaan. Bij annealing hechten korte stukjes DNA (primers) zich op een specifieke plaats, wat een startpunt creëert voor het polymerase. Tijdens elongatie verlengt het polymerase de primer met nieuwe nucleotiden tot een dubbelstrengs fragment. Deze stappen worden herhaald tot er voldoende kopieën zijn.

Hiervoor wordt een mastermix gebruikt: een buffer, dNTP’s (de bouwstenen), primers en een hittebestendig polymerase. Met forward- en reverseprimers worden beide DNA-strengen in elke cyclus gekopieerd. De hoeveelheid DNA neemt exponentieel toe: uit één fragment kunnen na 30 cycli een miljard kopieën ontstaan. Dit maakt PCR onmisbaar in de moderne diagnostiek.

Bronnen
  • National Library of Medicine (2023). Polymerase chain reaction (PCR). NCBI.
  • LabCE.com. Polymerase chain reaction (PCR).
08 16S rRNA

16S rRNA-sequencing

In het kort

Stel je voor dat je niet elk boek in een bibliotheek uitleest, maar alleen één hoofdstuk dat in elk boek voorkomt. Dat hoofdstuk is net iets anders per boek, en precies die verschillen vertellen je welk boek het is. Zo werkt 16S rRNA-sequencing: in plaats van al het DNA van alle bacteriën uit te lezen, richt de techniek zich op één gen dat in vrijwel alle bacteriën voorkomt. Op basis van de verschillen kunnen bacteriën worden geïdentificeerd en kan hun onderlinge verhouding worden bepaald.

Onder andere toegepast bij deze test(en) van Mijnlabtest: de analyse van het darmmicrobioom (microbioomtest).
Amplicon sequencing: van monster tot resultaat
Gerichte amplicon-sequencing (bijv. 16S rRNA): van monster tot resultaat.Bron: eigen weergave, Mijnlabtest
Lees de technische verdiepingVerberg de technische verdieping

16S rRNA-sequencing bepaalt de diversiteit, structuur en samenstelling van bacteriële gemeenschappen. In tegenstelling tot whole genome sequencing richt deze methode zich op één marker-gen dat aanwezig is in vrijwel alle bacteriën: het 16S rRNA-gen.

Dit gen bestaat uit geconserveerde en hypervariabele regio’s. De geconserveerde regio’s zijn vrijwel identiek in veel bacteriën en vormen de plek waar primers binden. De hypervariabele regio’s verschillen per soort en fungeren als moleculaire vingerafdruk. Voor het darmmicrobioom worden vaak de V3- en V4-regio’s gebruikt, al hangt de beste keuze af van de onderzoeksvraag en het platform.

De werkwijze: eerst wordt DNA geïsoleerd, daarna worden de gewenste regio’s met PCR selectief vermenigvuldigd, waarna de amplicons met next-generation of long-read sequencing worden uitgelezen. De sequenties worden met bio-informatica vergeleken met een referentiedatabase om te bepalen welke bacteriën aanwezig zijn en in welke relatieve verhouding.

Bronnen
  • Jiang, Y. et al. (2025). Species-level identification of gut microbiota (V3-V4). Frontiers in Microbiology, 16.
  • Regueira-Iglesias, A. et al. (2023). 16S rRNA gene sequencing workflow. Molecular Oral Microbiology, 38(5).
Kwaliteit

Jouw analyse in goede handen

Al onze testen worden uitgevoerd door gespecialiseerde, geaccrediteerde laboratoriumpartners met gevalideerde methoden. Zo weet je zeker dat je uitslag zorgvuldig en betrouwbaar tot stand komt.